Verplichte enting tegen Paramyxo
Voor postduiven, zowel jonge als oude duiven, geldt een verplichte enting tegen het paramyxovirus. Voor kweekduiven waarmee niet wordt gevlogen wordt geen uitzondering gemaakt. Ook deze duiven moeten worden geënt.
In onze buurlanden is door de overheden de enting eveneens verplicht gesteld. Onze eigen overheid ziet in Nederland toe op de naleving van deze regel, maar ook de Franse overheid wil de zekerheid dat alle duiven die Frankrijk bezoeken, geënt zijn tegen paramyxo!
Een enting is gedurende twaalf maanden geldig. Een duif die bijvoorbeeld in november 2007 geënt is, mag dus het gehele wedvluchtseizoen 2008 meevliegen.
Controle op naleving
In Nederland ligt de verplichting om toe te zien op naleving van de entingsplicht bij de basisverenigingen. De makkelijkste manier van controle is door voor de eerste vlucht de hoklijsten en entingsbewijzen met elkaar te vergelijken. Uiteraard dient dit bij de eerste jonge-duivenvlucht en bij de natour ook te gebeuren. Zoals is bepaald in het Wedvluchtreglement, moeten duiven die de voorgeschreven enting niet hebben gehad voor de wedvlucht worden geweigerd. Een enting is gedurende twaalf maanden geldig.
Het Ministerie (RVV) kan jaarlijks bij een aantal verenigingen de wedvluchtbescheiden en entingslijsten opvragen. Op grond hiervan kan men nagaan of de vereniging naar behoren heeft gecontroleerd. Het Ministerie heeft aangegeven ook zelf controles uit te gaan voeren tijdens het inkorven. Van belang is daarom dat de entingsbewijzen of kopieën daarvan in het inkorflokaal van de vereniging worden bewaard. Een controle wordt namelijk niet vooraf aangekondigd.



